| Formulier voor de bediening van de heilige doop aan de kinderen van de gelovigen |
| Leer over de doop |
De leer over de doop is als volgt samen te vatten:
Ten eerste: wij en onze kinderen zijn in zonde ontvangen en geboren. Daarom rust Gods
toorn op ons, zodat wij in het rijk van God niet kunnen komen, of wij moeten opnieuw
geboren worden.
Dit leert ons de onderdompeling in en de besprenkeling met het water. Daardoor wordt ons
de onreinheid van onze ziel voor ogen gesteld. Dit moet ons ertoe brengen, dat wij een
afkeer krijgen van onszelf, ons voor God verootmoedigen en onze reiniging en ons behoud
buiten onszelf zoeken.
Ten tweede: de doop bevestigt en verzegelt ons de afwassing van onze zonden door Jezus
Christus. Wij worden immers volgens het bevel van Christus gedoopt in de naam van de Vader
en de Zoon en de Heilige Geest. Wanneer wij gedoopt worden in de naam van de Vader,
verklaart en verzegelt ons God de Vader, dat Hij met ons een eeuwig verbond der genade
sluit. Hij neemt ons tot zijn kinderen en erfgenamen aan en zal ons daarom van al het
goede voorzien en al het kwade van ons weren of voor ons doen meewerken ten goede.
Wanneer wij gedoopt worden in de naam van de Zoon, verzekert de Zoon ons ervan, dat Hij
ons in zijn bloed wast en reinigt van al onze zonden. Hij maakt ons een met Zichzelf in
zijn dood en opstanding, zodat wij van onze zonden bevrijd en rechtvaardig voor God
gerekend worden.
Wanneer wij gedoopt worden in de naam van de Heilige Geest, verzekert de Heilige Geest ons
door dit sacrament ervan, dat Hij in ons wonen wil en ons tot levende leden van Christus
wil maken. Want Hij eigent ons toe wat wij in Christus hebben, namelijk de afwassing van
onze zonden en de dagelijkse vernieuwing van ons leven. Zo zullen wij tenslotte volkomen
rein in het eeuwige leven een plaats ontvangen temidden van de gemeente der uitverkorenen.
Ten derde: omdat elk verbond twee delen heeft, namelijk een belofte en een eis, worden wij
door God in de doop ook geroepen en verplicht tot een nieuwe gehoorzaamheid. Dit betekent
dat wij deze enige God, Vader, Zoon en Heilige Geest, aanhangen, vertrouwen en liefhebben
met heel ons hart, met heel onze ziel, met heel ons verstand en met al onze krachten. Het
betekent ook dat wij met de wereld breken, onze oude natuur doden en godvrezend leven.
En wanneer wij soms uit zwakheid in zonden vallen, moeten wij aan Gods genade niet
wanhopen en al evenmin in de zonden blijven liggen. Want de doop is een zegel en een
volkomen betrouwbaar getuigenis dat wij een eeuwig verbond met God hebben.
| Gronden voor de kinderdoop |
Hoewel onze kinderen dit alles niet begrijpen, mogen wij hen daarom toch niet van de doop
uitsluiten. Want evenals zij zonder het te weten deel hebben aan de veroordeling in Adam,
zo worden zij ook zonder het te weten in Christus uit genade tot Gods kinderen aangenomen.
Immers, wat God zegt tot Abraham, de vader van alle gelovigen, geldt ook voor ons en onze
kinderen: "Ik zal mijn verbond oprichten tussen Mij en u en uw nageslacht in hun
geslachten, tot een eeuwig verbond, om u en uw nageslacht tot een God te zijn" (Gen. 17, 7).
Dit verkondigt ook Petrus: "Want voor u is de belofte en voor uw kinderen en voor
allen die verre zijn, zovelen als de Here, onze God, ertoe roepen zal" (Hand. 2, 39). Daarom heeft
God onder het oude verbond bevolen de kinderen te besnijden: deze besnijdenis was een
zegel van het verbond en van de gerechtigheid van het geloof.
En Christus zelf heeft kinderen omhelsd, de handen opgelegd en gezegend.
Omdat nu, onder het nieuwe verbond, de doop in de plaats van de besnijdenis gekomen is,
moeten de jonge kinderen als erfgenamen van Gods rijk en van zijn verbond gedoopt worden.
En de ouders zijn verplicht hun kinderen bij het opgroeien hun doop te leren verstaan.
| Gebed voor de doop |
Laten wij nu Gods heilige naam aanroepen, om zo tot zijn eer, tot versterking van ons
geloof en tot opbouw van de gemeente dit sacrament te bedienen.
Almachtige en eeuwige God, U bent het die naar uw rechtvaardig oordeel de ongelovige en
onbekeerlijke wereld met de zondvloed gestraft hebt. Maar de gelovige Noach en de zijnen,
slechts acht zielen, hebt U in uw grote barmhartigheid gered en bewaard. U bent het die de
hard nekkige Farao met al zijn volk in de Rode Zee deed verdrinken. Maar uw volk Israel
hebt U daar droogvoets door geleid, waardoor U toen reeds de doop hebt aangeduid. Pleitend
op uw grondeloze barmhartigheid, bidden wij U of U dit uw kind in genade wilt aanzien en
het door uw Heilige Geest in uw Zoon Jezus Christus wilt inlijven. Laat het door de doop
in Christus' dood begraven worden en ook met Hem opstaan in een nieuw leven. Geef dat het
iedere dag zijn / haar kruis bij het volgen van Christus blijmoedig zal dragen door Hem
aan te hangen met waar geloof, vaste hoop en vurige liefde. Laat het zo dit leven, dat
toch niet anders is dan een voortdurend sterven, door uw beloften getroost verlaten. Geef
dat het op de jongste dag voor de rechterstoel van Christus, uw Zoon, met vrijmoedigheid
zal verschijnen, door Hem, onze Here Jezus Christus, uw Zoon, die met U en de Heilige
Geest, een enig God, leeft en regeert in eeuwigheid. Amen.
| Vragen aan de vader (en de moeder) |
Geliefden in de Here Christus, U hebt gehoord, dat de doop door God is ingesteld om aan
ons en onze kinderen zijn verbond te verzegelen. Daarom moeten wij dit sacrament met dat
doel en niet uit gewoonte of bijgeloof gebruiken. Om nu duidelijk te laten blijken, dat u
zo de doop begeert, behoort u op de volgende vragen oprecht te antwoorden:
Ten eerste:
Belijdt u, dat onze kinderen, hoewel zij in zonde ontvangen en geboren zijn en daarom aan
allerlei ellende, ja zelfs aan het eeuwig oordeel onderworpen, toch in Christus geheiligd
zijn en daarom als leden van zijn gemeente behoren gedoopt te zijn?
Ten tweede:
Belijdt u, dat de leer van het Oude en Nieuwe Testament, die in de Apostolische
Geloofsbelijdenis is samengevat en hier in de christelijke kerk geleerd wordt, de ware en
volkomen leer van de verlossing is?
Ten derde:
Belooft u, dat u dit kind (deze kinderen, een ieder het zijne), waarvan u de vader (en de
moeder) bent, bij het opgroeien in deze leer naar vermogen zult onderwijzen en laten
onderwijzen?
Wat is hierop uw antwoord?
(Antwoord:) Ja.
| Bediening van de doop |
(De voorganger noemt de volledige naam (voornamen) en eventueel achternaam van de dopeling en spreekt:) Ik doop u in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
| Dankgebed |
Almachtige, barmhartige God en Vader, wij danken en loven U, dat U ons en onze kinderen
door het bloed van uw geliefde Zoon Jezus Christus al onze zonden vergeven hebt en ons
door uw Heilige Geest tot leden van uw eniggeboren Zoon en zo tot uw kinderen hebt
aangenomen. Wij danken U, dat U ons dit met de doop verzegelt en bekrachtigt.
Wij bidden U ook door Hem, uw geliefde Zoon, dat U dit kind door uw Heilige Geest
voortdurend wilt regeren, zodat het christelijk en godvrezend opgevoed wordt en in de Here
Jezus Christus zal opgroeien en toenemen. Geef dat het zo uw vaderlijke goedheid en
barmhartigheid, die U aan dit kind en aan ons allen bewezen hebt, zal erkennen en
belijden. Geef dat het gehoorzaam onder onze enige Leraar, Koning en Hogepriester Jezus
Christus zal leven en krachtig tegen de zonde, de duivel en heel zijn rijk zal strijden en
overwinnen. Dan zal het U en uw Zoon Jezus Christus en de Heilige Geest, de enige en ware
God, eeuwig loven en prijzen. Amen.